Menu
Nog geen account? | Je wachtwoord vergeten?

Gastro-intestinale chirurg

Een gastro-intestinale chirurg is een medisch specialist die patiënten opereert aan de organen van het spijsverteringsstelsel en andere organen in de buik. Het gaat onder meer om de slokdarm, maag, dunne darm, dikke darm, endeldarm, anus, lever, galwegen, galblaas en alvleesklier. Afhankelijk van de eigen specialisatie behandelt de chirurg ook buikwandbreuken, bekkenbodemproblemen en ernstig overgewicht.

De gastro-intestinale chirurgie is in Nederland een differentiatie binnen het specialisme heelkunde. Een gastro-intestinale chirurg staat bij de Registratiecommissie Geneeskundig Specialisten officieel geregistreerd als chirurg. De gastro-intestinale differentiatie staat niet als afzonderlijk medisch specialisme in het openbare specialistenregister.

De taken van een Gastro-intestinale chirurg zijn onder meer:

Gastro-intestinaal betekent dat iets betrekking heeft op de maag en darmen. In de praktijk is het vakgebied breder. Een gastro-intestinale chirurg kan ook operaties uitvoeren aan de slokdarm, lever, galwegen, galblaas, alvleesklier, anus, buikwand en bekkenbodem.

Niet iedere gastro-intestinale chirurg behandelt alle aandoeningen binnen dit brede gebied. De zorg is steeds verder gespecialiseerd. In een algemeen ziekenhuis kan een chirurg relatief breed werken. In een universitair medisch centrum of gespecialiseerd kankercentrum richt een chirurg zich vaak op een kleiner deelgebied, zoals darmkanker, slokdarmkanker, alvleesklierchirurgie of leverchirurgie.

De belangrijkste deelgebieden zijn:

  • Colorectale chirurgie: operaties aan de dikke darm, endeldarm en anus.
  • Upper GI-chirurgie: operaties aan de slokdarm, maag en het eerste deel van de dunne darm.
  • HPB-chirurgie: operaties aan de lever, pancreas en galwegen. HPB staat voor hepato-pancreato-biliair.
  • Proctologie: behandeling van aandoeningen rond de anus en endeldarm.
  • Bekkenbodemchirurgie: operaties bij verzakkingen, ontlastingsproblemen en functionele stoornissen.
  • Bariatrische chirurgie: operaties bij ernstig overgewicht, zoals een gastric bypass of sleeve gastrectomie.
  • Buikwandchirurgie: behandeling van liesbreuken, littekenbreuken en complexe defecten van de buikwand.
  • Flexibele endoscopie: bijvoorbeeld het uitvoeren van een colonoscopie, wanneer de chirurg hiervoor is opgeleid en bevoegd.

Welke patiënten behandelt een gastro-intestinale chirurg?

De gastro-intestinale chirurg behandelt patiënten met kwaadaardige, goedaardige, acute en chronische aandoeningen. Een groot deel van het werk bestaat uit oncologische chirurgie, maar niet iedere patiënt heeft kanker.

Veelvoorkomende aandoeningen zijn:

  • darmkanker en endeldarmkanker;
  • maagkanker en slokdarmkanker;
  • alvleesklierkanker;
  • leverkanker en uitzaaiingen in de lever;
  • galwegkanker en galblaaskanker;
  • galstenen en galblaasontsteking;
  • diverticulitis en complicaties daarvan;
  • chronische darmontstekingen, zoals de ziekte van Crohn en colitis ulcerosa;
  • darmobstructies en draaiingen van de darm;
  • darmperforaties en buikvliesontsteking;
  • appendicitis;
  • liesbreuken en littekenbreuken;
  • reflux en middenrifbreuken;
  • ernstige obesitas;
  • aambeien, anale fissuren en perianale fistels;
  • verzakking van de endeldarm;
  • bekkenbodemproblemen;
  • complicaties na eerdere buikoperaties.

Sommige aandoeningen vragen om een geplande operatie. Andere situaties zijn levensbedreigend en vereisen direct ingrijpen. Voorbeelden zijn een geperforeerde darm, ernstige inwendige bloeding, darmischemie, een beknelde breuk of een naadlekkage na een eerdere operatie.

Wat doet een gastro-intestinale chirurg?

Het werk bestaat uit meer dan opereren. De chirurg begeleidt de patiënt vanaf de eerste beoordeling tot en met de controle na de behandeling. Bij patiënten met kanker kan dit traject maanden of jaren duren.

Onderzoek en diagnostiek

De gastro-intestinale chirurg beoordeelt patiënten op de polikliniek, op de spoedeisende hulp en op verpleegafdelingen. De chirurg bespreekt de klachten, verricht lichamelijk onderzoek en beoordeelt eerdere onderzoeken.

Daarbij gaat het bijvoorbeeld om:

  • bloedonderzoek;
  • een echografie;
  • CT-scans en MRI-scans;
  • een gastroscopie of colonoscopie;
  • weefselonderzoek door de patholoog;
  • functieonderzoek van de slokdarm of bekkenbodem;
  • onderzoek naar de conditie en operatierisico’s van de patiënt.

De chirurg beoordeelt of een operatie nodig en verantwoord is. Soms is een operatie technisch mogelijk, maar biedt deze de patiënt onvoldoende voordeel. De chirurg moet dan samen met de patiënt en andere specialisten een andere behandeling kiezen.

Bespreken van het behandelplan

Voor een operatie legt de gastro-intestinale chirurg uit:

  • waarom een operatie wordt geadviseerd;
  • welke operatietechniek wordt gebruikt;
  • welke alternatieven beschikbaar zijn;
  • welke kans op herstel bestaat;
  • welke complicaties kunnen optreden;
  • of een stoma nodig kan zijn;
  • hoe lang de opname en revalidatie waarschijnlijk duren;
  • wat er gebeurt wanneer de patiënt niet voor de operatie kiest.

De chirurg vraagt vervolgens om geïnformeerde toestemming. Bij complexe operaties bespreekt het team ook de algemene conditie, voedingstoestand, kwetsbaarheid en persoonlijke behandeldoelen van de patiënt.

Uitvoeren van operaties

De gastro-intestinale chirurg voert geplande en acute operaties uit. De ingreep kan op verschillende manieren plaatsvinden:

  • Open chirurgie: de chirurg maakt een grotere snede om het operatiegebied te bereiken.
  • Laparoscopische chirurgie: de chirurg opereert via kleine openingen met een camera en lange instrumenten.
  • Robotchirurgie: de chirurg bestuurt vanuit een console de robotinstrumenten. De robot voert de operatie niet zelfstandig uit.
  • Endoscopische behandeling: sommige behandelingen worden uitgevoerd via een flexibele kijkbuis.

Voorbeelden van operaties zijn:

  • verwijderen van een deel van de dunne darm;
  • verwijderen van een deel van de dikke darm;
  • opereren aan de endeldarm;
  • aanleggen, verplaatsen of opheffen van een stoma;
  • verwijderen van een deel van de maag;
  • opereren aan de slokdarm;
  • verwijderen van de galblaas;
  • verwijderen van een deel van de lever;
  • opereren aan de alvleesklier;
  • behandelen van een complexe perianale fistel;
  • uitvoeren van een rectovaginopexie bij een verzakking;
  • uitvoeren van een gastric bypass;
  • uitvoeren van een sleeve gastrectomie;
  • herstellen van een complexe littekenbreuk of buikwanddefect.

Zorg na de operatie

Na de operatie blijft de gastro-intestinale chirurg medisch verantwoordelijk voor de chirurgische behandeling. De chirurg controleert de wond, darmfunctie, voeding, pijn, bloedwaarden en het algemene herstel.

De chirurg moet complicaties snel herkennen en behandelen. Mogelijke complicaties zijn:

  • nabloeding;
  • wondinfectie;
  • longontsteking;
  • trombose of longembolie;
  • vertraagde darmwerking;
  • lekkage van een darmverbinding;
  • buikabces;
  • problemen met een stoma;
  • ondervoeding;
  • orgaanfalen of sepsis.

Bij een ernstige complicatie kan een nieuwe operatie, drainage door een interventieradioloog of opname op de intensive care nodig zijn.

Multidisciplinair overleg

Veel besluiten worden genomen in een multidisciplinair overleg. Bij kanker bespreekt het team de diagnose, het stadium van de ziekte en de behandelvolgorde. Een patiënt kan bijvoorbeeld eerst chemotherapie of bestraling krijgen en pas daarna worden geopereerd.

De gastro-intestinale chirurg werkt onder meer samen met een Maag-Darm-Leverarts, oncoloog, radiotherapeut, radioloog, patholoog, diëtist, stomaverpleegkundige, fysiotherapeut en geriater.

Tijdens de operatie werkt de chirurg nauw samen met de anesthesioloog en de operatieassistent. Op de polikliniek en verpleegafdeling werken vaak ook een verpleegkundig specialist en een verpleegkundige gastro-enterologie.

Onderwijs, onderzoek en kwaliteitsverbetering

Naast patiëntenzorg heeft de gastro-intestinale chirurg vaak andere taken. Zeker in een opleidingsziekenhuis of universitair medisch centrum is de chirurg betrokken bij:

  • opleiding en supervisie van artsen in opleiding;
  • begeleiding van coassistenten en onderzoekers;
  • wetenschappelijk onderzoek;
  • registratie van behandeluitkomsten en complicaties;
  • besprekingen over kwaliteit en patiëntveiligheid;
  • ontwikkeling van richtlijnen en zorgpaden;
  • invoering van nieuwe operatietechnieken;
  • management van een afdeling of vakgroep.

Waar werkt een Gastro-intestinale chirurg

Een gastro-intestinale chirurg werkt vrijwel altijd binnen de medisch-specialistische zorg. De belangrijkste werkgevers en werkplekken zijn:

  • algemene ziekenhuizen;
  • topklinische opleidingsziekenhuizen;
  • universitair medische centra;
  • gespecialiseerde kankercentra;
  • zelfstandige behandelcentra;
  • gespecialiseerde klinieken voor bariatrie of proctologie;
  • universiteiten en medische onderzoeksinstituten.

Binnen het ziekenhuis werkt de chirurg op verschillende afdelingen:

  • de operatiekamer;
  • de polikliniek heelkunde;
  • de chirurgische verpleegafdeling;
  • de spoedeisende hulp;
  • de intensive care;
  • de endoscopieafdeling;
  • de afdeling radiologie tijdens gezamenlijke behandelingen;
  • ruimtes voor multidisciplinair overleg, onderwijs en onderzoek.

Complexe operaties aan de slokdarm, maag, lever, galwegen en alvleesklier zijn steeds meer geconcentreerd in gespecialiseerde ziekenhuizen. Hierdoor voeren sommige chirurgen een beperkt aantal zeer complexe operatietypen uit, maar wel in hoge aantallen.

Wat is het verschil met een algemeen chirurg?

Een algemeen chirurg behandelt een breder pakket aan chirurgische aandoeningen. Een gastro-intestinale chirurg is een chirurg die zich binnen de heelkunde heeft verdiept in aandoeningen van het spijsverteringsstelsel, de buik en aanverwante organen.

In kleinere ziekenhuizen kan dezelfde chirurg zowel algemene als gastro-intestinale operaties uitvoeren. In grotere ziekenhuizen zijn de werkzaamheden vaker verdeeld tussen gastro-intestinale chirurgen, traumachirurgen, vaatchirurgen, oncologisch chirurgen en kinderchirurgen.

Wat is het verschil met een MDL-arts?

Een gastro-intestinale chirurg en een MDL-arts behandelen vaak dezelfde patiëntengroepen, maar hebben een andere opleiding en taak.

Gastro-intestinale chirurgMDL-arts
Opgeleid als chirurg Opgeleid binnen de interne geneeskunde en maag-darm-leverziekten
Richt zich vooral op operatieve behandeling Richt zich vooral op diagnostiek, medicatie en endoscopische behandeling
Voert buikoperaties uit Voert veel gastroscopieën en colonoscopieën uit
Behandelt operatieve complicaties Behandelt onder meer chronische leverziekten en darmontstekingen met medicijnen
Kan een deel van een orgaan verwijderen Kan tijdens endoscopie kleine afwijkingen verwijderen of bloedingen behandelen

De benamingen gastro-enteroloog en MDL-arts zijn dus geen synoniemen voor gastro-intestinale chirurg.

Wat is het verschil met een oncologisch chirurg?

Gastro-intestinale chirurgie en chirurgische oncologie zijn binnen de Nederlandse opleiding twee afzonderlijke differentiaties. Er bestaat wel veel overlap. Beide chirurgen kunnen bijvoorbeeld patiënten met darmkanker, maagkanker of leveruitzaaiingen behandelen.

De gastro-intestinale differentiatie is gekoppeld aan de organen en functies van het spijsverteringsstelsel. De oncologische differentiatie is gekoppeld aan de operatieve behandeling van kanker en kan ook borsttumoren, huidtumoren, wekedelentumoren en klieraandoeningen omvatten.

Wat verdient een Gastro-intestinale chirurg

Het inkomen hangt af van de werkgever, ervaring, arbeidsduur, diensten en manier van werken. Er bestaat geen aparte salarisschaal voor gastro-intestinale chirurgen. Zij worden betaald volgens de regelingen voor medisch specialisten.

Medisch specialist in loondienst bij een algemeen ziekenhuis:

  • Van 1 februari 2026 tot en met 31 juli 2026: € 8.694 tot € 15.090 bruto per maand.
  • Vanaf 1 augustus 2026: € 8.868 tot € 15.392 bruto per maand.
  • De bedragen gelden voor een volledig dienstverband binnen de Arbeidsvoorwaardenregeling Medisch Specialisten.
  • Daarnaast ontvangt de specialist 8 procent vakantietoeslag.
  • Avond-, nacht- en weekenddiensten kunnen recht geven op aanvullende toeslagen.
  • Bij een parttime dienstverband wordt het salaris naar verhouding berekend.

Medisch specialist in een universitair medisch centrum:

In een universitair medisch centrum gelden de salarisschalen van de Cao UMC. Vanaf 1 juli 2026 loopt de schaal Universitair Medisch Specialist van € 10.032 tot € 14.265 bruto per maand. Er bestaat daarnaast een schaal Medisch Specialist van € 7.727 tot € 9.136 bruto per maand. De indeling hangt af van de functie, academische taken en het functieniveau. Hoogleraren en afdelingshoofden kunnen in hogere schalen vallen.

Vrij beroep of medisch specialistisch bedrijf:

Een deel van de chirurgen werkt als vrijgevestigd medisch specialist binnen een medisch specialistisch bedrijf. Deze chirurgen ontvangen geen vast cao-salaris. Hun inkomen bestaat meestal uit een winstaandeel. Dit hangt af van de omzet, kostenverdeling, pensioenvoorziening, verzekeringen, diensten, productieafspraken en afspraken binnen het samenwerkingsverband. Hierdoor kan het inkomen hoger of lager zijn dan het salaris van een specialist in loondienst.

Wat verdient een chirurg tijdens de opleiding?

Een arts in opleiding tot specialist ontvangt salaris. In algemene ziekenhuizen bedroeg het brutosalaris voor een aios per 1 februari 2026 tussen € 4.539 en € 5.928 per maand, afhankelijk van het aantal ervaringsjaren. Deze bedragen zijn gebaseerd op 36 uur per week.

Vanaf 1 augustus 2026 stijgt dit naar € 4.629 tot € 6.047 bruto per maand. Voor een contract van 38 uur worden de bedragen aangepast met de factor 38 gedeeld door 36. Diensten en toeslagen kunnen het uiteindelijke inkomen verhogen.

Aantal werkzaam in Nederland

Het exacte aantal gastro-intestinale chirurgen in Nederland is niet openbaar vast te stellen. De RGS registreert het specialisme heelkunde, maar publiceert geen afzonderlijke landelijke aantallen per differentiatie. Gastro-intestinale chirurgie, traumachirurgie, vaatchirurgie, chirurgische oncologie en kinderchirurgie worden daardoor samengevoegd onder de registratie heelkunde.

De betrouwbaarste beschikbare cijfers zijn:

  • Op 31 december 2025 stonden 1.678 chirurgen geregistreerd in Nederland.
  • Het Capaciteitsorgaan schatte dat in 2025 ongeveer 1.441 chirurgen daadwerkelijk werkzaam waren.
  • Op 31 december 2025 stonden 406 artsen geregistreerd als aios heelkunde.
  • Gastro-intestinale chirurgen vormen een deel van deze aantallen, maar de omvang van dat deel is niet officieel gepubliceerd.

Het verschil tussen geregistreerd en werkzaam ontstaat onder meer doordat niet iedere geregistreerde chirurg op de peildatum actief in de patiëntenzorg werkt. Sommige specialisten zijn tijdelijk niet werkzaam, werken in het buitenland, verrichten management- of onderzoekswerk of naderen hun pensioen.

Een ledental van een beroepsvereniging geeft evenmin een exact antwoord. Een vereniging kan ook aios, gepensioneerde leden, onderzoekers en chirurgen met een overlappend aandachtsgebied tellen. Daarom is het niet verantwoord om het aantal leden automatisch gelijk te stellen aan het aantal werkzame gastro-intestinale chirurgen.

Welke opleiding heeft de Gastro-intestinale chirurg gevolgd

De gebruikelijke schoolvooropleiding is vwo. Voor rechtstreekse toelating tot de bachelor Geneeskunde gelden doorgaans de volgende profielen:

  • vwo Natuur en Gezondheid met natuurkunde;
  • vwo Natuur en Techniek met biologie;
  • een combinatie van Natuur en Gezondheid en Natuur en Techniek.

Wie een ander vwo-profiel, een hbo-propedeuse of een afgeronde hbo- of wo-opleiding heeft, moet meestal aanvullende vwo-certificaten behalen voor biologie, scheikunde, natuurkunde en wiskunde A of B. De precieze eisen kunnen per universiteit verschillen.

Geneeskunde is een numerus-fixusopleiding. Voldoen aan de vakkenpakketeisen geeft daarom niet automatisch recht op een studieplaats. Kandidaten moeten deelnemen aan de selectie- of lotingsprocedure van de universiteit.

Hoe lang duurt de opleiding tot Gastro-intestinale chirurg

De route moet worden verdeeld in de middelbare school, de opleiding Geneeskunde en de medische vervolgopleiding.

OpleidingsonderdeelNiveauNominale duur
Vwo Voortgezet wetenschappelijk onderwijs 6 jaar
Bachelor Geneeskunde WO-bachelor 3 jaar
Master Geneeskunde WO-master 3 jaar
Opleiding heelkunde Medische vervolgopleiding tot specialist 6 jaar
Differentiatie gastro-intestinale chirurgie Onderdeel van de opleiding heelkunde Meestal de laatste 2 opleidingsjaren
Eventueel fellowship Verdere verdieping na registratie als chirurg Vaak 1 tot 2 jaar, niet altijd verplicht

Vanaf het begin van de studie Geneeskunde duurt de route nominaal 12 jaar. Gerekend vanaf het eerste jaar van het vwo duurt de volledige route 18 jaar.

De praktijk kan langer duren. Een afgestudeerde basisarts krijgt niet altijd direct een opleidingsplaats heelkunde. Veel kandidaten werken eerst als arts niet in opleiding tot specialist, doen onderzoek of promoveren. Deze extra periode is geen formele opleidingseis, maar speelt regelmatig een rol bij de selectie.

Wat is het opleidingsniveau?

Het opleidingsniveau van een gastro-intestinale chirurg is WO-master, gevolgd door een erkende medische vervolgopleiding tot medisch specialist. Het is een van de langste opleidingstrajecten in de zorg.

Na de master Geneeskunde mag de afgestudeerde zich arts noemen en kan de arts zich inschrijven in het BIG-register. Na afronding van de opleiding heelkunde volgt registratie als chirurg in het specialistenregister van de RGS.

Hoe ziet de opleiding heelkunde eruit?

De opleiding tot chirurg duurt zes jaar en bestaat uit een algemeen deel en een differentiatie. De opleiding vindt plaats in minimaal één universitaire en één niet-universitaire opleidingsinstelling. De aios moet in beide soorten instellingen minimaal één jaar worden opgeleid.

In de eerste jaren ontwikkelt de aios brede chirurgische kennis en vaardigheden. Onderwerpen zijn onder meer:

  • opvang van acute patiënten;
  • beoordeling van buikklachten;
  • chirurgische infecties;
  • wondbehandeling;
  • perioperatieve zorg;
  • behandeling van fracturen;
  • intensivecarezorg;
  • spoedeisende hulp;
  • poliklinische zorg;
  • zorg voor een chirurgische verpleegafdeling;
  • basisoperaties en algemene operatietechnieken.

In opleidingsjaar vijf en zes volgt de verdieping in gastro-intestinale chirurgie. De aios wordt in deze fase ook differentiant genoemd.

Wat leert een differentiant gastro-intestinale chirurgie?

De differentiatie is opgebouwd uit modules. De aios moet minimaal drie modules volgen. Colorectale chirurgie en algemeen abdominale chirurgie zijn verplicht. Daarnaast kiest de aios minimaal één van de volgende modules:

  • bekkenbodem en proctologie;
  • Upper GI-chirurgie;
  • HPB-chirurgie;
  • bariatrische chirurgie;
  • flexibele endoscopie.

De aios leert onder supervisie onder meer:

  • complexe galblaasoperaties uitvoeren;
  • liesbreuken endoscopisch behandelen;
  • een buikwand reconstrueren;
  • een deel van de dunne of dikke darm verwijderen;
  • een stoma aanleggen of opheffen;
  • een gedeeltelijke maagresectie uitvoeren;
  • een fundoplicatie uitvoeren bij ernstige reflux;
  • een beperkte leverresectie uitvoeren;
  • complexe fistels behandelen;
  • een gastric bypass of sleeve gastrectomie uitvoeren;
  • een colonoscopie uitvoeren, wanneer deze module wordt gevolgd.

De differentiatie bevat verplichte stages bij radiotherapie, interne oncologie, pathologie en radiologie. Afhankelijk van het gekozen profiel kunnen stages volgen bij de MDL-afdeling, stomazorg, klinische genetica, nucleaire geneeskunde en onderzoek naar bekkenbodemfuncties.

Daarnaast volgt de aios cursorisch onderwijs en laparoscopiecursussen. Gedurende de volledige opleiding moet de aios minimaal één voordracht houden op een nationaal of internationaal congres en minimaal één publicatie hebben in een wetenschappelijk tijdschrift met collegiale beoordeling.

Is een fellowship na de opleiding nodig?

Een fellowship is niet altijd wettelijk nodig om als gastro-intestinale chirurg te werken. Toch vragen ziekenhuizen bij zeer gespecialiseerde functies regelmatig om aanvullende ervaring na de opleiding.

Mogelijke fellowships richten zich op:

  • colorectale chirurgie;
  • slokdarm- en maagchirurgie;
  • lever- en galwegchirurgie;
  • pancreaschirurgie;
  • transplantatiechirurgie;
  • robotchirurgie;
  • bariatrische chirurgie;
  • bekkenbodemchirurgie;
  • chirurgische oncologie.

Een fellowship duurt vaak één tot twee jaar. Soms combineert de chirurg dit met wetenschappelijk onderzoek of een promotietraject.

Het opleidingsniveau van een Gastro-intestinale chirurg is WO.

Enkele wetenswaardigheden over de Gastro-intestinale chirurg

Welke eigenschappen heeft een gastro-intestinale chirurg nodig?

Een gastro-intestinale chirurg moet technische vaardigheden combineren met medisch inzicht en goede communicatie. Een operatie kan uren duren en de toestand van de patiënt kan snel veranderen.

Belangrijke eigenschappen zijn:

  • nauwkeurigheid;
  • goede oog-handcoördinatie;
  • ruimtelijk inzicht;
  • kennis van anatomie en fysiologie;
  • besluitvaardigheid;
  • stressbestendigheid;
  • fysiek en mentaal uithoudingsvermogen;
  • goed kunnen samenwerken;
  • duidelijk kunnen communiceren;
  • verantwoordelijkheid durven nemen;
  • kritisch kunnen reflecteren op eigen handelen;
  • belangstelling voor techniek en innovatie;
  • omgaan met onzekerheid, complicaties en overlijden.

De chirurg moet ook slecht nieuws kunnen bespreken. Bij kanker of ernstige complicaties zijn niet alle patiënten te genezen. De chirurg moet dan eerlijk uitleggen wat medisch nog mogelijk is en aansluiten bij de wensen van de patiënt.

Hoe ziet de werkweek eruit?

Een werkweek kan bestaan uit operatiedagen, polikliniek, visites, multidisciplinaire overleggen, spoedzorg, administratie, onderwijs en onderzoek. Het rooster verschilt per ziekenhuis en functie.

Een mogelijke werkdag bevat:

  • overdracht en beoordeling van opgenomen patiënten;
  • bespreking van het operatieprogramma;
  • een of meer operaties;
  • controle van patiënten na de operatie;
  • beoordeling van een patiënt op de spoedeisende hulp;
  • multidisciplinair overleg over patiënten met kanker;
  • gesprekken met patiënten en familie;
  • verslaglegging en voorbereiding van volgende operaties;
  • supervisie van aios, anios en coassistenten.

Gastro-intestinale chirurgen draaien vaak avond-, nacht- en weekenddiensten. Een geplande operatie kan uitlopen en acute buikchirurgie kan op ieder moment nodig zijn. Binnen de AMS bedraagt een voltijdse arbeidsduur gemiddeld 45 uur per week, exclusief de uren tijdens avond-, nacht- en weekenddiensten. Inclusief diensten geldt een maximale gemiddelde arbeidsduur van 52 uur per week.

Wat zijn de lichamelijke en mentale belastingen?

Het beroep kent een hoge verantwoordelijkheid. Complicaties kunnen ernstige gevolgen hebben, ook wanneer de operatie zorgvuldig is uitgevoerd. Chirurgen moeten hun handelen achteraf bespreken en behandelresultaten laten toetsen.

Belastende onderdelen zijn:

  • langdurig staan tijdens operaties;
  • hoge concentratie gedurende meerdere uren;
  • nacht- en weekenddiensten;
  • snel beslissen bij levensbedreigende situaties;
  • gesprekken over kanker, risico’s en overlijden;
  • omgaan met onverwachte complicaties;
  • combineren van patiëntenzorg, administratie, onderwijs en onderzoek;
  • beschikbaar blijven voor acute problemen na een operatie.

Hoe is de arbeidsmarkt?

Het Capaciteitsorgaan schatte voor het brede specialisme heelkunde in 2025 een licht landelijk overschot van ongeveer 2 procent. Dit cijfer geldt voor alle chirurgen samen en zegt niet precies hoeveel vacatures er voor gastro-intestinale chirurgen beschikbaar zijn.

De arbeidsmarkt verschilt per regio en aandachtsgebied. Ziekenhuizen zoeken vaak geen breed inzetbare gastro-intestinale chirurg, maar iemand met een concreet profiel. Voorbeelden zijn colorectale chirurgie, HPB-chirurgie, robotchirurgie, bariatrie of oncologische chirurgie.

Complexe operaties worden steeds meer geconcentreerd. Daardoor ontstaan meer gespecialiseerde functies in een beperkt aantal ziekenhuizen. Tegelijk kan de concurrentie om opleidingsplaatsen, fellowships en vaste stafposities groot zijn.

Welke doorgroeimogelijkheden zijn er?

Een gastro-intestinale chirurg kan zich verder ontwikkelen tot:

  • colorectaal chirurg;
  • Upper GI-chirurg;
  • HPB-chirurg;
  • pancreaschirurg;
  • leverchirurg;
  • bariatrisch chirurg;
  • proctologisch chirurg;
  • robotchirurg;
  • transplantatiechirurg;
  • opleider of plaatsvervangend opleider;
  • medisch manager;
  • wetenschappelijk onderzoeker;
  • universitair hoofddocent of hoogleraar;
  • bestuurder binnen een ziekenhuis of medisch specialistisch bedrijf.

Is de gastro-intestinale chirurg BIG-geregistreerd?

Ja. Eerst is registratie als arts in het BIG-register nodig. Na afronding van de specialisatie volgt registratie als chirurg in het specialistenregister van de RGS.

De registratie als medisch specialist geldt maximaal vijf jaar. Voor herregistratie moet de chirurg onder meer:

  • gemiddeld minimaal 16 uur per week binnen het specialisme werken;
  • in vijf jaar minimaal 200 uur geaccrediteerde deskundigheidsbevordering volgen;
  • deelnemen aan evaluatie van het eigen functioneren;
  • deelnemen aan een externe kwaliteitsevaluatie.

Extra informatie over de Gastro-intestinale chirurg

Welke andere benamingen zijn er?

Voor gastro-intestinale chirurg worden verschillende benamingen gebruikt:

  • gastro-intestinaal chirurg;
  • gastro-enterologisch chirurg;
  • gastro-intestinale chirurg;
  • GI-chirurg;
  • GE-chirurg;
  • buikchirurg;
  • abdominaal chirurg;
  • chirurg van het spijsverteringsstelsel;
  • digestive surgeon, in Engelstalige functies;
  • visceraal chirurg, vooral buiten Nederland.

Daarnaast bestaan benamingen die een smaller aandachtsgebied aangeven:

  • colorectaal chirurg;
  • darmchirurg;
  • Upper GI-chirurg;
  • slokdarm-maagchirurg;
  • HPB-chirurg;
  • leverchirurg;
  • pancreaschirurg;
  • proctologisch chirurg;
  • bariatrisch chirurg;
  • bekkenbodemchirurg;
  • gastro-intestinaal oncologisch chirurg.

Deze benamingen zijn niet altijd volledige synoniemen. Een HPB-chirurg werkt bijvoorbeeld specifiek aan de lever, galwegen en alvleesklier. Een colorectaal chirurg richt zich voornamelijk op de dikke darm, endeldarm en anus.

Wetenswaardigheden over de gastro-intestinale chirurg

  • De officiële specialistentitel is chirurg. Gastro-intestinale chirurgie is een differentiatie binnen de heelkunde.
  • De Nederlandse Vereniging voor Gastro-Intestinale Chirurgie is een sectie van de Nederlandse Vereniging voor Gastro-enterologie en een subvereniging van de Nederlandse Vereniging voor Heelkunde.
  • Niet iedere gastro-intestinale chirurg opereert aan alle buikorganen. Binnen academische centra is vaak sprake van verdere subspecialisatie.
  • Een groot deel van het vak bestaat uit kankerzorg, maar ook galstenen, breuken, ontstekingen, obesitas en bekkenbodemproblemen behoren tot het werkgebied.
  • Bij robotchirurgie bestuurt de chirurg alle bewegingen. De operatierobot neemt geen zelfstandige beslissingen.
  • Een stoma kan tijdelijk of blijvend zijn. De mogelijkheid van een stoma moet soms al voor de operatie met de patiënt worden besproken.
  • Minimaal invasieve chirurgie kan kleinere wonden en sneller herstel geven, maar is niet voor iedere patiënt of operatie geschikt.
  • De technische mogelijkheid om te opereren betekent niet automatisch dat een operatie de beste keuze is. Levensverwachting, conditie, kwaliteit van leven en wensen van de patiënt wegen mee.
  • Per 1 januari 2025 was ongeveer 29 procent van alle geregistreerde chirurgen vrouw. Onder aios ligt het aandeel vrouwen hoger, waardoor de samenstelling van de beroepsgroep geleidelijk verandert.
  • Chirurgen registreren complicaties en behandeluitkomsten. Deze gegevens worden gebruikt voor kwaliteitsverbetering en landelijke vergelijkingen.
  • Voor zeldzame en complexe operaties gelden volumenormen. Daardoor worden bepaalde behandelingen alleen in gespecialiseerde centra uitgevoerd.
  • Het beroep combineert techniek, acute zorg, oncologie, langdurige begeleiding, wetenschap en samenwerking met veel andere disciplines.

Voor wie is dit beroep geschikt?

Het beroep past bij iemand die belangstelling heeft voor geneeskunde, anatomie en operatietechniek en die langdurig geconcentreerd kan werken. De toekomstige chirurg moet goed functioneren in een team, maar ook zelfstandig beslissingen durven nemen.

Wie gastro-intestinale chirurg wil worden, moet rekening houden met een lang en selectief opleidingstraject. De studie Geneeskunde kent een beperkt aantal plaatsen. Ook de opleiding heelkunde is competitief. Na afronding blijven bijscholing, toetsing en het onderhouden van operatieve vaardigheden noodzakelijk.

Daar staat een breed beroep tegenover waarin diagnostiek, opereren, acute zorg, kankerbehandeling, begeleiding van patiënten, onderwijs en onderzoek samenkomen.