- 15-09-2026
- NIEUWS
Ze moet een prachtige vrouw zijn geweest. En eigenlijk was ze dat nog steeds. Ze bezat een natuurlijke elegantie waar je eenvoudig jaloers op kon worden. Nu werd ze noodgedwongen in een verpleeghuis opgenomen. Een verpleeghuis voor oude mensen want er was nergens plek.
Ik kon er niet aan wennen, om haar daar te zien.
Ontvang gratis onze zorgberichten in je mailbox.
Je kunt je op elk moment afmelden via de link onderaan de e-mails die je ontvangt.
Wil je graag weten hoe onze nieuwsbrief eruit ziet? Bekijk hier het archief.
Na haar ziekenhuisopname kwam ze bij ons. Ik zie nog zo voor me hoe ze met brancard en al de afdeling op werd gereden. Haar dochters waren net achttien, net zo oud als ik was op dat moment. Een guppy in de zorg.
Haar tweepersoonskamer deelde ze met een dame van 89. In haar smalle kledingkast paste net aan zeven setjes kleren, als je een beetje je best deed, en een fractie van de persoonlijke spullen die haar dochters voor haar mee hadden genomen bleven achter in het smalle nachtkastje.
Een echtgenoot was er niet meer, die had haar ingeruild voor een jonger exemplaar.
Ik heb geen oordeel, elk leven zit vol met mooi en minder mooi, niemand ontkomt eraan. Maar de aanblik van haar dochters was intens verdrietig. Ze straalden eenzaamheid uit als ze hun moeder kwamen bezoeken.
Ik vond het in het begin een schok om voor haar te zorgen omdat ik tot op dat moment vooral voor oudere mensen gezorgd.
Ineens zocht ik kanten setjes ondergoed bij elkaar, kamde ik lange donkerbruine lokken in plaats van grijze en stifte ik hele jonge lippen rood. Ik kletste lukraak tegen haar over algemene onderwerpen, zij reageerde met klanken en gelach op mijn praatjes. Met warme aandacht smeerde ik al haar bezeerde ledematen in met bodylotion. Ik probeerde te achterhalen wat ze me wilde zeggen. Of ze verdrietig was, of bang. Of ze pijn had misschien.
Zeker weten deed ik het nooit.
Ik stopte aandacht in mijn handen, warmte zoveel ik kon, en hoopte dat het afdoende was.
Haar prachtige jonge lijf dat van driehoog achter was kapotgevallen op een vuile stoep. Betonnen kilte die geen centimeter had meegegeven. Het leven wilde haar niet loslaten.
Ik vond het dubbel wreed.
En nog altijd krimpt mijn hart een beetje in elkaar als ik aan haar denk.
Geschreven door Cynthia Poen
Cynthia is verpleegkundige en werkt sinds een paar jaar als zorgbemiddelaar bij de organisatie waar ze ooit als 15-jarig meisje haar eerste stage liep. Tijdens haar loopbaan werkte ze bij revalidatiecentra, in diverse ziekenhuizen, verpleeghuizen en verleende palliatieve zorg aan huis.
Over die ervaringen schreef ze o.a Zorgliefde, een bundel vol ervaringsverhalen.
Op haar website cynthiapoen.nl schrijft ze columns over alles wat haar dagelijks bezighoud.