Menu
Nog geen account? | Je wachtwoord vergeten?
De verpleegzorg in Nederland verschuift verder van intramuraal verblijf naar zorg thuis.

Landelijke monitor verpleegzorg: verpleegzorg groeit vooral thuis, terwijl verpleeghuiscapaciteit stabiliseert

De verpleegzorg in Nederland verschuift verder van intramuraal verblijf naar zorg thuis. Dat blijkt uit de landelijke Regiomonitor 2026 verpleegzorg van Zorgverzekeraars Nederland. De totale benutte verpleegzorgcapaciteit steeg tussen 2019 en 2025 van 176.416 naar 217.193 plekken of cliënten, maar die groei komt vrijwel volledig voor rekening van extramurale zorg: geclusterde en ongeclusterde verpleegzorg buiten het verpleeghuis. De intramurale capaciteit bleef over dezelfde periode nagenoeg stabiel en daalde in 2025 licht.

De monitor geeft zorgkantoren, zorgaanbieders, gemeenten en woningcorporaties een actueel landelijk beeld van de beschikbare en benutte capaciteit voor mensen met een Wlz-indicatie in de sector verpleging en verzorging. Zorgkantoren gebruiken deze inzichten onder meer bij regionale gesprekken over woonzorgvisies, inkoopbeleid en de toekomstige capaciteitsopgave.

Lees vaker nieuwsberichten over de zorg

Ontvang gratis onze zorgberichten in je mailbox.

Je kunt je op elk moment afmelden via de link onderaan de e-mails die je ontvangt.
Wil je graag weten hoe onze nieuwsbrief eruit ziet? Bekijk hier het archief.

De cijfers moeten volgens de opstellers nadrukkelijk als indicatief worden gelezen. De monitor telt niet alle bestaande verpleeghuisplekken of geschikte woningen, maar kijkt naar het maximale aantal cliënten dat in een jaar daadwerkelijk zorg ontving. Structureel leegstaande capaciteit komt daardoor niet in de telling terug. Ook de prognose tot 2030 is gebaseerd op aannames en historische ontwikkelingen, waardoor de daadwerkelijke zorgvraag kan afwijken. Bron: Regiomonitor 2026 verpleegzorg, landelijk.

Totale verpleegzorgcapaciteit stijgt met ruim 40.000

Landelijk nam de totale verpleegzorgcapaciteit toe van 176.416 in 2019 naar 217.193 in 2025. Dat is een stijging van 40.777, oftewel ruim 23 procent. Achter die groei gaat een duidelijke verschuiving in woonsettingen schuil.

In 2019 bestond 72,9 procent van de verpleegzorgcapaciteit nog uit intramuraal verblijf. In 2025 was dat aandeel gedaald naar 60,0 procent. De absolute intramurale capaciteit bleef daarbij relatief stabiel: van 128.637 in 2019 naar 130.239 in 2025. Na een piek van 131.676 in 2023 daalde het aantal benutte verblijfsplekken in 2024 en 2025 licht.

De extramurale capaciteit groeide daarentegen sterk. De ongeclusterde verpleegzorg steeg van 37.169 cliënten in 2019 naar 66.421 in 2025. Het aandeel ongeclusterde zorg in de totale verpleegzorg nam toe van 21,1 naar 30,6 procent. De geclusterde capaciteit groeide van 10.610 naar 20.533 cliënten, waardoor het aandeel geclusterde zorg opliep van 6,0 naar 9,5 procent.

Ongeclusterde zorg groeit het hardst

De grootste volumegroei zit in ongeclusterde zorg. Daaronder vallen cliënten die Wlz-zorg thuis ontvangen via MPT, PGB of VPT, zonder dat sprake is van een geclusterde woonvorm zoals de monitor die definieert. Vooral het modulair pakket thuis blijft in absolute zin dominant binnen de ongeclusterde zorg.

Het aantal cliënten met ongeclusterd MPT steeg van 27.466 in 2019 naar 47.552 in 2025. Daarmee vertegenwoordigde MPT in 2025 nog altijd 71,6 procent van de ongeclusterde capaciteit. Ongeclusterd PGB groeide van 7.586 naar 10.862 cliënten. Ongeclusterd VPT liet relatief de sterkste stijging zien: van 2.117 cliënten in 2019 naar 8.007 in 2025.

De monitor signaleert dat de landelijke groei van ongeclusterd VPT vooral wordt veroorzaakt door sterke groei in enkele regio’s. Zorgkantoren verwachten dat dit beeld vanaf 2027 kan veranderen. In het Hoofdlijnenakkoord Ouderenzorg is afgesproken dat MPT bij ongeclusterde zorg voorliggend wordt op VPT. Daardoor kan het aandeel ongeclusterd VPT in de komende jaren zowel absoluut als relatief afnemen.

Geclusterde capaciteit verdubbelt bijna

Ook de geclusterde verpleegzorg groeit stevig. De capaciteit steeg van 10.610 cliënten in 2019 naar 20.533 in 2025. Binnen deze woonsetting wordt VPT steeds belangrijker. Het aantal cliënten met geclusterd VPT nam toe van 7.580 naar 18.161. Het aantal cliënten met geclusterd PGB daalde juist van 3.030 naar 2.372.

Daardoor veranderde de verhouding binnen geclusterde zorg sterk. In 2019 werd 71,4 procent van de geclusterde zorg geleverd via VPT en 28,6 procent via PGB. In 2025 was dat respectievelijk 88,4 en 11,6 procent.

Deze ontwikkeling is relevant voor zorgaanbieders en gemeenten die werken aan nieuwe woonzorgconcepten. In het programma Wonen en zorg is afgesproken dat er richting 2030 40.000 extra zorggeschikte geclusterde woningen moeten komen. Daarnaast zijn er afspraken over 80.000 geclusterde woonvormen en 170.000 nultredenwoningen. Niet elke geclusterde woonvorm is echter automatisch geschikt voor zwaardere Wlz-zorg.

Verblijf blijft stabiel, maar leegstand speelt mee

De intramurale capaciteit in verpleegzorg blijft in de monitor opvallend stabiel. In 2025 lag het aantal benutte verblijfsplekken met 130.239 slechts beperkt boven het niveau van 2019. Tegelijkertijd is sprake van een lichte daling ten opzichte van 2023 en 2024.

Volgens de reflectie in de monitor hangt dit onder meer samen met ervaren leegstand. Omdat de monitor uitgaat van daadwerkelijk ingezette zorgcapaciteit, tellen plekken die het hele jaar leegstaan niet mee. Ook worden niet alle eerder geplande uitbreidingen daadwerkelijk gerealiseerd. In sommige gevallen is sprake van uitstel of afstel, of worden plekken uiteindelijk voor VPT gerealiseerd in plaats van voor intramuraal verblijf.

Voor zorgaanbieders is dit een belangrijk signaal. De vraag is niet alleen hoeveel fysieke plekken beschikbaar zijn, maar ook of die plekken aansluiten bij de zorgvraag, personele mogelijkheden, vastgoedkwaliteit en regionale voorkeuren van ouderen en hun naasten.

Zorgvraag wordt zwaarder

De monitor laat zien dat de zorgzwaarte verder toeneemt. Het aandeel VV4 neemt zowel intramuraal als extramuraal af. Binnen verblijf daalde VV4 van 17,8 procent in 2019 naar 7,0 procent in 2025. Tegelijkertijd steeg het aandeel VV5 van 45,1 naar 47,7 procent en het aandeel VV6 van 20,9 naar 26,8 procent. Ook VV7 nam binnen verblijf toe, van 8,2 naar 11,6 procent.

In de extramurale zorg is een vergelijkbare verschuiving zichtbaar, zij het met een ander profiel. Binnen ongeclusterde zorg daalde VV4 van 28,4 naar 16,4 procent. VV5 groeide van 45,9 naar 51,7 procent en VV6 van 13,0 naar 16,5 procent. Het aandeel VV7 en VV8 tot en met VV10 neemt extramuraal nauwelijks toe.

Dit onderstreept dat zorg thuis niet alleen in volume groeit, maar ook complexer wordt. Voor wijkverpleging, specialist ouderengeneeskunde, casemanagement, behandeling, toezicht, alarmering en informele zorg betekent dit dat de organisatie van extramurale Wlz-zorg steeds robuuster moet worden ingericht.

Ook sectorvreemde cliënten leggen druk op verpleegzorgcapaciteit

Een ander aandachtspunt is de groei van sectorvreemde cliënten die gebruikmaken van verpleegzorgcapaciteit. Het gaat om cliënten met bijvoorbeeld een GZ- of GGZ-profiel die zorg ontvangen van een V&V-gecontracteerde aanbieder of capaciteit in de verpleegzorg bezetten.

In 2019 ging het in de monitor om 7.503 cliënten met een sectorvreemd profiel. In 2025 was dat aantal gestegen naar 14.433. Volgens de monitor hangt deze toename vooral samen met het ouder worden van andere doelgroepen binnen de Wlz.

Voor de capaciteitsplanning is dit relevant, omdat de zorgvraagprognose tot 2030 specifiek kijkt naar cliënten met een VV-profiel. Wanneer een groeiend deel van de verpleegzorgcapaciteit wordt benut door andere doelgroepen, kan de feitelijke capaciteitsopgave voor aanbieders en regio’s groter zijn dan de VV-prognose alleen suggereert.

Nieuwe prognose: lagere verwachte zorgvraag, maar opgave blijft groot

De Regiomonitor 2026 gebruikt een nieuw prognosemodel. Waar eerdere ramingen sterker leunden op demografische ontwikkeling, combineert het nieuwe model historische indicatieontwikkelingen met verwachte bevolkingsontwikkeling. Volgens de opstellers geeft dit naar verwachting een representatiever beeld, omdat de groei van Wlz-indicaties en de bevolkingsgroei de afgelopen jaren niet meer parallel verliepen.

De landelijke prognose komt uit op 225.836 Wlz-cliënten met een VV-indicatie in 2030. De bandbreedte loopt van 222.049 tot 229.623. Voor 2026 wordt uitgegaan van 205.833 cliënten, oplopend via 209.550 in 2027, 214.407 in 2028 en 220.344 in 2029.

In het scenario voor 2030 gaat de monitor uit van 129.939 intramurale plekken, gelijk aan het niveau van 2022. Daarnaast wordt gerekend met 50.780 geclusterde plekken, passend bij de landelijke doelstelling voor extra zorggeschikte geclusterde woningen. De resterende opgave van 43.341 plaatsen wordt aangeduid als extramuraal ongedefinieerd: die kan in de praktijk geclusterd of ongeclusterd worden ingevuld.

Lagere prognose betekent niet dat de bouwopgave verdwijnt

Hoewel de nieuwe prognose lager uitvalt dan eerder verwacht, waarschuwt de monitor dat de bouw- en transformatieopgave onverminderd groot blijft. Het grootste deel van de ouderen heeft geen Wlz-indicatie, maar heeft wel behoefte aan een woning waarin zij langer zelfstandig kunnen wonen en waar later, indien nodig, zorg geleverd kan worden.

Daarmee raakt de verpleegzorgmonitor direct aan het bredere vraagstuk van ouderenhuisvesting. Voldoende nultredenwoningen, geclusterde woonvormen, zorggeschikte woningen, ontmoetingsruimten en regionale afspraken over zorginfrastructuur zijn randvoorwaarden om de beweging naar passende zorg thuis uitvoerbaar te houden.

De monitor benadrukt bovendien dat landelijke cijfers grote regionale en gemeentelijke verschillen maskeren. In sommige regio’s groeit de zorgvraag veel sterker dan elders. In andere regio’s kan op papier juist voldoende of zelfs meer capaciteit ontstaan wanneer de vastgelegde intramurale capaciteit en de bouwopgave voor geclusterde woonvormen volledig worden gerealiseerd. De praktijk is complexer, omdat veel ouderen ook in 2030 ongeclusterd zullen wonen en daar zorg ontvangen.

Gespikkeld wonen niet altijd zichtbaar als geclusterd

De monitor maakt onderscheid tussen geclusterde en ongeclusterde zorg om beter inzicht te krijgen in de wijze waarop Wlz-zorg thuis wordt geleverd. Bij geclusterde zorg wonen meerdere mensen met een langdurige zorgvraag in een complex en wordt de zorg gezamenlijk georganiseerd door één of meer gecontracteerde Wlz-aanbieders. Vaak gebeurt dit via VPT of PGB.

De term gespikkeld wonen wordt in de praktijk gebruikt voor woonvormen waarin mensen met en zonder zorgvraag in hetzelfde complex wonen. De monitor wijst erop dat dergelijke locaties niet altijd onder de definitie van geclusterd vallen. Dat kan betekenen dat woonvormen die in de praktijk zorgorganisatorisch vergelijkbaar zijn met geclusterde zorg, methodisch toch als ongeclusterd worden geteld.

Voor zorgprofessionals en bestuurders is dat onderscheid van belang. Het zegt iets over de beperkingen van data en definities bij het beoordelen van woonzorgconcepten. Efficiëntie, samenredzaamheid, nabijheid van zorg en sociale structuur laten zich niet altijd volledig vangen in administratieve categorieën.

Betekenis voor zorgprofessionals

Voor de dagelijkse praktijk bevestigt de monitor een trend die veel zorgprofessionals al ervaren: cliënten blijven langer thuis, de zorgvraag wordt zwaarder en de grenzen tussen wonen, welzijn, behandeling en langdurige zorg vervagen verder.

Dat vraagt om andere manieren van organiseren. In ongeclusterde zorg is de uitdaging vooral om voldoende nabijheid, continuïteit en veiligheid te organiseren bij cliënten die verspreid wonen. In geclusterde zorg ligt de nadruk sterker op het combineren van zelfstandigheid, gemeenschapsvorming en efficiënte inzet van professionele zorg. Intramurale zorg blijft essentieel voor cliënten met complexe zorgvragen, maar groeit niet mee met de demografische druk.

Voor zorgaanbieders betekent dit dat strategische keuzes over vastgoed, personeelsinzet, VPT, MPT, behandeling, technologie en samenwerking met gemeenten urgenter worden. Voor gemeenten en woningcorporaties onderstreept de monitor dat woonzorgvisies niet los kunnen worden gezien van Wlz-capaciteit en regionale zorgvraaganalyses.

Zorgkantoren willen vroeg aan tafel bij woonzorgplannen

Zorgkantoren geven in de monitor aan dat zij de inzichten gebruiken voor verdere regionale gesprekken. Zij willen actief betrokken zijn bij regionale woonzorgvisies en een adviserende rol hebben richting gemeenten. Bouwplannen voor geclusterde woonzorgvormen specifiek voor Wlz-cliënten moeten volgens de monitor altijd worden afgestemd met het zorgkantoor en aansluiten bij actuele regionale analyses van zorg- en woningvraag.

De kernboodschap is daarmee duidelijk: de verpleegzorgcapaciteit groeit, maar vooral buiten het verpleeghuis. Tegelijkertijd wordt de zorgvraag zwaarder, neemt het aandeel sectorvreemde cliënten toe en blijven regionale verschillen groot. De komende jaren draait de opgave niet alleen om méér capaciteit, maar vooral om de juiste capaciteit op de juiste plek, met een organisatievorm die past bij de zorgzwaarte en de woonwensen van ouderen.

Bron: Rapport ZN

Gerelateerde vacatures

ANIOS Ouderengeneeskunde
  • Topjob
  • 13-08-2026
  • Rotterdam
  • fulltime
  • wo
  • vast
Elke 6 weken scholing en vaste supervisie geven je als basisarts ouderengeneeskunde ruimte om je medische blik en gespreksvoering te verdiepen. Jouw nieuwe baan Ouderen en chronisch zieken hebben uiteenlopende zorgvragen, van somatische klachten en psychogeriatrie tot acute situaties en palliatieve zorg. Je houdt spreekuur, loopt visites en bezoekt bewoners...
Specialist ouderengeneeskunde
  • 13-08-2026
  • Katwijk aan Zee
  • parttime
  • wo
  • vast
Als specialist ouderengeneeskunde ben je verantwoordelijk voor de dagelijkse medische zorg van cliënten met de ziekte van Huntington, zowel op de afdeling als op de polikliniek. Deze doelgroep vraagt om creativiteit, doorzettingsvermogen en echte aandacht. Juist dat maakt jouw werk zo betekenisvol.Jij kijkt verder dan protocollen en sluit aan bij wat voor...
ANIOS Ouderengeneeskunde
  • Topjob
  • 11-08-2026
  • Sittard
  • fulltime
  • wo
  • tijdelijk
Ben je (bijna) Basisarts (ANIOS) en op zoek naar een nieuwe uitdaging? Maak dan kennis met de dynamische wereld van de ouderengeneeskunde! Ouderengeneeskunde is binnen Zuyderland Care een volwassen maar nog altijd groeiend specialisme met enthousiaste, betrokken professionals. Binnen Zuyderland Zorgcentra kennen wij een grote diversiteit van doelgroepen: groot-...
Specialist ouderengeneeskunde
  • 10-08-2026
  • Rotterdam
  • parttime
  • wo
  • interim
Complexe diagnostiek bij een vermoeden van Korsakov vraagt in deze interim-opdracht om jouw medische regie als specialist ouderengeneeskunde. Jouw nieuwe baan Bij cliënten met een vermoeden van Korsakov of aanverwante problematiek regisseer je als specialist ouderengeneeskunde het diagnostische proces. Je beoordeelt complexe zorgvragen op verschillende...
ANIOS Ouderengeneeskunde
  • 10-08-2026
  • Hardenberg
  • fulltime
  • wo
  • intermediair
Meer aandacht voor de cliënt én voor je eigen werk-privébalans. Als ANIOS ouderenzorg werk je zonder ANW-diensten en bied je zorg die verder gaat dan de diagnose. Jouw nieuwe baan Van een geriatrisch onderzoek tot een behandelplan voor een kwetsbare oudere: jouw werk is afwisselend en betekenisvol. Je begeleidt cliënten met psychogeriatrische...
Bekijk alle gerelateerde vacatures

Laatste berichten

NZa grijpt harder in, zorgaanbieders krijgen minder regels maar meer toezicht
  • 13-08-2026
  • NIEUWS
De Nederlandse Zorgautoriteit heeft in 2025 vooral gewerkt aan betere toegang tot zorg, nieuwe vormen van bekostiging en lagere administratieve lasten. Tegelijk voerde de toezichthouder het toezicht op zorgaanbieders en zorgverzekeraars op. Dat blijkt uit de Jaarverantwoording NZa 2025. De NZa voerde 4.713 interventies uit bij zorgaanbieders. Daarvan waren er...
Ggz-cliƫnten raken uit beeld bij overgang naar wonen of andere zorg
  • 10-08-2026
  • NIEUWS
Mensen met ernstige psychische problemen verliezen te vaak hun begeleiding wanneer zij van zorgvorm, woonplek of juridisch kader wisselen. Daardoor nemen de risico’s op terugval, crisisopname, dakloosheid en contact met politie of justitie toe. Dat staat in het rapport Blijvend nabij van de Nederlandse ggz. Het rapport pleit voor geïntegreerde teams...
Recordinstroom kan tekort aan zorgprofessionals niet stoppen
  • 07-08-2026
  • NIEUWS
De sector zorg en welzijn telde eind 2025 een recordaantal van 1.539.500 werknemers. Ook stroomden opnieuw meer mensen in dan er vertrokken. Toch blijven de personeelstekorten groot. Het aantal vacatures en het ziekteverzuim namen verder toe. Dat blijkt uit de arbeidsmarktplaat van RegioPlus van juni 2026. De cijfers tonen een arbeidsmarkt die groeit, maar de...
Arts, fysiotherapeut en ergotherapeut sneller klaar door AI
  • 07-08-2026
  • NIEUWS
Ouderenzorgorganisatie Vitalis gaat een AI-tool structureel gebruiken bij de intake voor geriatrische revalidatiezorg. Een proef van vier maanden laat zien dat artsen, fysiotherapeuten en ergotherapeuten samen 57 minuten per intake besparen. Vitalis ontvangt bij iedere aanmelding verschillende documenten van ziekenhuizen. De inhoud en opbouw van deze overdrachten...
Vaktherapeut: werkzaamheden, opleiding, salaris en arbeidsmarkt
  • 07-08-2026
  • ARTIKEL
Een vaktherapeut behandelt mensen met psychische, psychosociale, lichamelijke of neurologische problemen. De vaktherapeut gebruikt daarvoor een ervaringsgerichte werkvorm, zoals beeldend werken, muziek, drama, dans, beweging, lichaamsgerichte oefeningen of spel. Bij vaktherapie staat doen en ervaren centraal. Praten blijft onderdeel van de behandeling, maar...