- 27-04-2026
- NIEUWS
De Nederlandse Vereniging van Anesthesiemedewerkers waarschuwt voor de inzet van zorgmedewerkers die niet volledig zijn opgeleid als anesthesiemedewerker. Volgens de beroepsvereniging gebeurt dit in sommige ziekenhuizen als noodgreep door personeelstekorten.
De NVAM vindt dat een gevaarlijke ontwikkeling. Het gaat volgens de vereniging niet om een gewone vorm van bijspringen, maar om een risico voor de patiëntveiligheid op de operatiekamer.
Ontvang gratis onze zorgberichten in je mailbox.
Je kunt je op elk moment afmelden via de link onderaan de e-mails die je ontvangt.
Wil je graag weten hoe onze nieuwsbrief eruit ziet? Bekijk hier het archief.
De signalen gaan onder meer over verpleegkundigen zonder diploma tot anesthesiemedewerker en leerling-anesthesiemedewerkers die zonder directe supervisie patiënten bewaken tijdens een operatie. Hoe vaak dit voorkomt, is niet duidelijk.
Volgens de NVAM is het onacceptabel als iemand zonder volledige opleiding zelfstandig verantwoordelijk wordt gemaakt voor taken die horen bij het werk van een anesthesiemedewerker.
De beroepsvereniging wijst erop dat ook een laagcomplexe ingreep onverwacht kan veranderen in een acute situatie. Bij complicaties moet direct worden gehandeld. Dan is er geen tijd om eerst iemand met de juiste kennis en ervaring erbij te halen.
Een anesthesiemedewerker bewaakt onder meer ademhaling, bloeddruk, hartslag, zuurstofgehalte en bewustzijnsniveau. Bij problemen moet snel worden ingegrepen. Denk aan een plotselinge bloeddrukdaling, ademhalingsproblemen, bloedverlies, een allergische reactie of problemen met de luchtweg.
De waarschuwing komt op een moment dat ziekenhuizen kampen met tekorten aan gespecialiseerd OK-personeel. Door die krapte zoeken ziekenhuizen naar manieren om operaties toch door te laten gaan.
De NVAM begrijpt dat de druk op roosters groot is, maar stelt dat patiëntveiligheid niet mag worden opgerekt. Een anesthesiologisch team moet volgens de beroepsvereniging bestaan uit voldoende opgeleide professionals, met duidelijke taken en verantwoordelijkheden.
De opleiding tot anesthesiemedewerker is de afgelopen jaren veranderd. Zorgprofessionals kunnen via losse onderdelen competenties opbouwen. Dat kan helpen bij zij-instroom en bij het opleiden van nieuw personeel.
De NVAM waarschuwt wel dat een medewerker met een deel van de opleiding nog niet volledig inzetbaar is als anesthesiemedewerker. Deelbekwaamheid is iets anders dan volledige bekwaamheid. Iemand kan bepaalde taken goed uitvoeren, maar nog niet klaar zijn voor onverwachte en levensbedreigende situaties op de OK.
De discussie raakt ook anesthesiologen. Zij dragen de medische verantwoordelijkheid voor de anesthesie tijdens een operatie. Als een onvolledig opgeleide medewerker onvoldoende snel of onjuist handelt, kan dat gevolgen hebben voor de patiënt en voor het hele team.
De kern van de kwestie is daarom niet alleen wie een taak mag uitvoeren. Het gaat vooral om de vraag wie voldoende is opgeleid om te handelen wanneer een situatie acuut verandert.
Werkgevers zijn verantwoordelijk voor het inzetten van bekwaam personeel. Zij moeten controleren of medewerkers voldoende zijn opgeleid en of zij veilig kunnen werken binnen hun functie.
Voor anesthesiemedewerkers ligt dit extra gevoelig, omdat zij geen BIG-registratie hebben. Daardoor is duidelijke borging van opleiding, supervisie en inzetbaarheid volgens de NVAM belangrijk.
De NVAM roept ziekenhuizen op om geen onvolledig opgeleide medewerkers zelfstandig in te zetten als anesthesiemedewerker. Opleiden en taakdifferentiatie kunnen nodig zijn, maar alleen met duidelijke grenzen en voldoende begeleiding.
Voor zorgprofessionals op de operatiekamer raakt dit aan de basis van veilige zorg. Een patiënt onder narcose kan niet zelf aangeven dat het misgaat. Juist daarom moet het team rond de operatietafel volledig bekwaam zijn en direct kunnen handelen wanneer dat nodig is.
Bron: NVAM en NOS/Nieuwsuur