- 17-07-2026
- NIEUWS
De Nederlandse Zorgautoriteit heeft de maximumtarieven voor de eerstelijns verloskunde in 2026 aangepast. De tarieven stijgen licht en gelden met terugwerkende kracht vanaf 1 januari 2026. Verloskundigen moeten de hogere bedragen voorlopig nog niet declareren. De systemen van zorgverzekeraars zijn nog niet aangepast, waardoor declaraties met de nieuwe tarieven automatisch kunnen worden afgewezen.
De aangepaste tarieven volgen op een bezwaar van de Koninklijke Nederlandse Organisatie van Verloskundigen tegen de oorspronkelijke tariefbeschikking voor 2026. De NZa heeft bijna alle bezwaren afgewezen. Op één onderdeel kreeg de beroepsvereniging gedeeltelijk gelijk. De arbeidskosten van praktijkhoudende verloskundigen worden iets hoger gewaardeerd.
Ontvang gratis onze zorgberichten in je mailbox.
Je kunt je op elk moment afmelden via de link onderaan de e-mails die je ontvangt.
Wil je graag weten hoe onze nieuwsbrief eruit ziet? Bekijk hier het archief.
Hierdoor stijgt onder meer het maximumtarief voor volledige verloskundige zorg met 6,15 euro, van 2.279,92 euro naar 2.286,07 euro. Ook verschillende andere prestaties worden iets duurder, waaronder echoscopie, een uitwendige versie en het maken van een cardiotocogram, beter bekend als een CTG.
Hoewel de nieuwe tarieven zijn gepubliceerd, adviseert de KNOV om voorlopig met de oude tarieven voor 2026 te blijven declareren. Zorgverzekeraars moeten de aangepaste bedragen eerst verwerken in hun administratieve en financiële systemen.
Wanneer een verloskundige nu al een declaratie met het verhoogde bedrag indient, kan het systeem van de verzekeraar het bedrag niet herkennen. De declaratie wordt dan waarschijnlijk automatisch afgewezen. Dat leidt tot extra controles, correcties en nieuwe declaraties.
De KNOV heeft ook de leveranciers van verloskundige informatiesystemen geïnformeerd. Praktijken moeten echter zelf blijven controleren welke tarieven hun software gebruikt. Een tariefupdate in het informatiesysteem betekent niet automatisch dat iedere zorgverzekeraar het nieuwe bedrag al accepteert.
Voor verloskundigenpraktijken geldt daarom voorlopig het volgende:
De nieuwe tariefbeschikking geldt met terugwerkende kracht vanaf 1 januari 2026. Verloskundigen hebben over eerder geleverde zorg dus in principe recht op het verschil tussen het oude en het aangepaste tarief, voor zover contractuele afspraken met de zorgverzekeraar dat toelaten.
Het is nog niet duidelijk hoe iedere zorgverzekeraar deze correctie gaat verwerken. Mogelijk moeten praktijken eerder ingediende declaraties corrigeren. Een verzekeraar kan ook kiezen voor een andere administratieve verrekening. De KNOV wacht hierover nog op concrete instructies van de verzekeraars.
Praktijken doen er daarom goed aan om nog geen eigen correctieproces te starten. Zonder afspraken kan dit leiden tot dubbele declaraties, afwijzingen of verschillen tussen de praktijkadministratie en de administratie van de verzekeraar.
De aanpassing heeft te maken met de normatieve arbeidskostencomponent, vaak afgekort als NAC. Dit is het bedrag dat de NZa in de tarieven opneemt voor de arbeidskosten van een fulltime praktijkhouder. Het bedrag is niet hetzelfde als het persoonlijke inkomen van een verloskundige. Het is een rekencomponent voor onder meer salaris, pensioenpremies, verzekeringen en sociale lasten.
De hoogte van deze component is mede gebaseerd op de zwaarte van de functie, de verantwoordelijkheden van de praktijkhouder en de werkzaamheden die bij het beroep horen.
De KNOV stelde tijdens de bezwaarprocedure dat de werkzaamheden van een praktijkhoudende verloskundige te laag waren gewaardeerd. De NZa heeft dat bezwaar op één onderdeel gevolgd. De functie krijgt een iets zwaardere waardering vanwege de fysieke belasting van het werk.
Daarbij is onder meer gekeken naar het tillen en vervoeren van materialen die nodig zijn bij consulten en thuisbevallingen. Verloskundigen nemen bijvoorbeeld een spoedtas, visitetas en baarkruk mee. De hogere functiewaardering leidt tot een kleine verhoging van de arbeidskostencomponent en daarmee tot hogere maximumtarieven.
De verhoging is beperkt, omdat de NZa de overige bezwaren van de KNOV niet heeft overgenomen. De beroepsvereniging vindt dat de gebruikte rekenmethode onvoldoende aansluit op de dagelijkse praktijk van eerstelijns verloskundigen.
Een belangrijk discussiepunt is de manier waarop de inzet van praktijkhouders wordt berekend. De NZa gaat voor een voltijdfunctie uit van minimaal 36 uur per week, gedurende 46 weken per jaar. Volgens de NZa ontvangt iedere fulltime praktijkhouder binnen de berekening een volledige arbeidskostencomponent. Deze component is volgens de toezichthouder gebaseerd op de functie en verantwoordelijkheden, niet op ieder afzonderlijk gewerkt uur.
De KNOV wijst erop dat praktijkhoudende verloskundigen vaak veel meer dan 36 uur per week werken. Wanneer iemand minder dan voltijd werkt, wordt de vergoeding in de berekening verlaagd. Bij structureel meer werken dan voltijd wordt de vergoeding volgens de beroepsvereniging niet evenredig verhoogd.
Daarnaast vindt de KNOV dat de onregelmatige inzet onvoldoende wordt gewaardeerd. Verloskundige zorg vindt dag en nacht plaats. Praktijkhouders zijn beschikbaar tijdens avonden, nachten, weekenden en feestdagen. Volgens de KNOV komen deze verantwoordelijkheden en de bijbehorende belasting niet voldoende terug in het berekende norminkomen.
De NZa blijft van mening dat het kostprijsonderzoek zorgvuldig en controleerbaar is uitgevoerd. De toezichthouder stelt dat de tarieven de gemiddelde kosten van verloskundigenpraktijken moeten dekken. De tarieven mogen niet te laag zijn, omdat dit de toegankelijkheid van de zorg kan bedreigen. Ze mogen volgens de NZa ook niet te hoog zijn, omdat dit de zorgkosten voor verzekerden verhoogt.
De procedure is met de beslissing van de NZa nog niet afgerond. De KNOV gaat in beroep bij het College van Beroep voor het bedrijfsleven. Dit is de bestuursrechter die oordeelt over besluiten van onder meer de Nederlandse Zorgautoriteit.
Er is dus nog geen rechterlijke uitspraak over de verloskundetarieven voor 2026. De NZa heeft tot nu toe alleen een beslissing genomen op het bezwaar van de KNOV. De rechter moet later beoordelen of de NZa de tarieven en de onderliggende rekenmethode juridisch voldoende heeft onderbouwd.
De KNOV wil ook de tarieven voor 2027 bij de procedure betrekken. Die zijn volgens de beroepsvereniging grotendeels gebaseerd op dezelfde rekenmethode. De organisatie wil de rechter vragen om beide tariefjaren gezamenlijk te behandelen.
Een beroepsprocedure schort de huidige tarieven niet op. De aangepaste maximumtarieven voor 2026 blijven daarom gelden totdat de NZa of de rechter tot een nieuwe wijziging komt.
De verhoging van 6,15 euro voor een volledig verloskundig zorgtraject is per cliënt beperkt. Op praktijkniveau kan het totale bedrag wel oplopen, afhankelijk van het aantal volledige zorgtrajecten en aanvullende prestaties dat in 2026 wordt gedeclareerd.
De discussie gaat daarom niet alleen over deze kleine tariefcorrectie. De beroepsprocedure draait vooral om de structurele manier waarop het werk, de verantwoordelijkheid en de arbeidsuren van praktijkhoudende verloskundigen in de tarieven worden gewaardeerd.
Een uitspraak van het College van Beroep voor het bedrijfsleven kan daardoor gevolgen hebben voor toekomstige tarieven. Ook andere eerstelijns beroepsgroepen voeren procedures over vergelijkbare onderdelen van de kostenonderzoeken van de NZa.
Voor verloskundigen is de belangrijkste boodschap op dit moment praktisch. De nieuwe tarieven zijn vastgesteld en gelden met terugwerkende kracht, maar kunnen nog niet zonder meer worden gedeclareerd.
Praktijken moeten voorlopig de oude bedragen gebruiken en wachten totdat zorgverzekeraars aangeven dat hun systemen zijn aangepast. Daarna moet duidelijk worden hoe zij omgaan met het tariefverschil over zorg die tussen 1 januari 2026 en het moment van aanpassing is gedeclareerd.
Tot die tijd is het verstandig om tariefupdates in de praktijksoftware goed te controleren en intern vast te leggen welke declaraties later mogelijk moeten worden gecorrigeerd.
Bron: KNOV