- 17-07-2026
- NIEUWS
Het Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg in ’s-Hertogenbosch heeft vandaag twee psychiaters en een verpleegkundige gestraft wegens seksueel grensoverschrijdend gedrag. In alle drie de zaken ontstond een persoonlijke en seksuele relatie met een patiënt of voormalige patiënt.
Volgens het tuchtcollege hebben de zorgprofessionals de grenzen van hun beroep ernstig overschreden. Een patiënt bevindt zich binnen een zorgrelatie in een afhankelijke positie. De verantwoordelijkheid voor het bewaken van professionele grenzen ligt daarom altijd bij de zorgverlener.
Ontvang gratis onze zorgberichten in je mailbox.
Je kunt je op elk moment afmelden via de link onderaan de e-mails die je ontvangt.
Wil je graag weten hoe onze nieuwsbrief eruit ziet? Bekijk hier het archief.
De verpleegkundige behandelde vanaf 2022 een man in een opvanghotel voor vluchtelingen. Tijdens de behandelrelatie gaf zij haar privételefoonnummer aan de patiënt. Vervolgens ontstond persoonlijk contact buiten het werk.
De patiënt kwam bij de verpleegkundige thuis, waarna seksueel contact plaatsvond. De situatie kwam aan het licht nadat een naaktfoto van hen beiden bij de locatiemanager van het opvanghotel terechtkwam. De verpleegkundige informeerde daarna haar teamleider.
De verpleegkundige had zich inmiddels uit het BIG-register laten uitschrijven. Het tuchtcollege bepaalde dat zij gedurende zes maanden niet opnieuw in het register mag worden ingeschreven.
De tweede zaak ging over een kinder- en jeugdpsychiater. Hij behandelde vanaf 2014 een patiënte die bij de start van de behandeling zeventien jaar oud was. Enkele jaren na de behandeling zocht hij opnieuw contact met haar. Daarna ontstond een langdurige seksuele relatie.
De psychiater wist dat de vrouw ernstige psychiatrische problemen had en nog steeds psychische hulp kreeg. Volgens het tuchtcollege had hij daarom moeten begrijpen dat er sprake bleef van een ongelijke en afhankelijke verhouding.
Ook zou de psychiater de vrouw hebben gevraagd de relatie geheim te houden. Hierdoor kon zij bijna drie jaar niet open met familie, vrienden en behandelaars bespreken wat er in haar leven gebeurde.
Het tuchtcollege oordeelde dat de psychiater ernstig grensoverschrijdend had gehandeld. Zijn inschrijving in het BIG-register wordt doorgehaald. Daardoor mag hij niet meer als BIG-geregistreerd arts werken.
De derde zaak betrof een psychiater die een man onderzocht in verband met een IVA-keuring. Zij had in januari 2024 drie keer telefonisch of via beeldbellen contact met hem en stelde daarna een rapport op.
Enkele dagen na het afronden van haar werkzaamheden nam de psychiater zelf contact met de man op. Zij liet weten graag persoonlijk contact met hem te willen houden. Er ontstond intensief contact via WhatsApp. Ongeveer een maand later bezochten zij elkaar thuis en hadden zij meerdere keren seksueel contact.
De psychiater wist dat de man in het verleden verliefd was geworden op een andere hulpverlener. Dit had destijds geleid tot depressieve en suïcidale klachten. Het tuchtcollege rekende het haar zwaar aan dat zij ondanks deze kennis toch een relatie met hem begon.
Ook woog mee dat de psychiater haar handelen niet direct in haar intervisiegroep besprak en niet bij de behandeling van de tuchtzaak aanwezig was. Volgens het college liet zij onvoldoende zien dat zij de ernst van haar handelen volledig begreep.
De psychiater had zichzelf al uit het BIG-register laten uitschrijven. Het tuchtcollege heeft haar daarom het recht ontzegd om zich opnieuw in te schrijven. Wanneer zij toch opnieuw ingeschreven zou blijken te zijn, wordt die inschrijving doorgehaald.
Een persoonlijke of seksuele relatie tijdens een behandelrelatie is niet toegestaan. Dit geldt ook wanneer de patiënt zelf instemt met het contact of het initiatief lijkt te nemen.
Ook na het beëindigen van de behandeling blijft vaak enige tijd sprake van afhankelijkheid en een ongelijke machtsverhouding. Een zorgverlener moet daarom een passende afkoelingsperiode aanhouden. Hoe lang deze periode moet duren, hangt onder meer af van de duur en intensiteit van de behandeling, de kwetsbaarheid van de patiënt en de aard van de zorgrelatie.
Zorgprofessionals die gevoelens voor een patiënt ontwikkelen, moeten direct professionele afstand nemen. Zij kunnen de behandeling overdragen en de situatie bespreken met een leidinggevende, supervisor, vertrouwenspersoon of intervisiegroep. De verantwoordelijkheid om grenzen te bewaken kan nooit bij de patiënt worden gelegd.
Bron: Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg ’s-Hertogenbosch