- 17-04-2026
- NIEUWS
De verblijfsduur in verpleeghuizen daalt. Daardoor zijn er op dit moment minder plekken nodig dan eerder werd verwacht. Dat blijkt uit een analyse van onderzoekers die keken naar de ontwikkeling tussen 2012 en 2022.
De gemiddelde verblijfsduur in het verpleeghuis nam in die periode af van 930 naar 853 dagen. Dat is een daling van ongeveer 8 procent. De onderzoekers zien daarin een belangrijke verklaring voor de leegstand die op sommige plekken nu zichtbaar is.
Ontvang gratis onze zorgberichten in je mailbox.
Je kunt je op elk moment afmelden via de link onderaan de e-mails die je ontvangt.
Wil je graag weten hoe onze nieuwsbrief eruit ziet? Bekijk hier het archief.
De achtergrond is duidelijk. Ouderen wonen langer thuis en stromen later in. Daardoor komen vooral mensen met een zwaardere zorgvraag in het verpleeghuis terecht. Wie wordt opgenomen, is vaak kwetsbaarder dan vroeger en verblijft gemiddeld korter. Dat zorgt voor snellere doorstroom en verandert de behoefte aan capaciteit.
Opvallend is dat de gemiddelde leeftijd bij opname nauwelijks veranderde. De verandering zit dus niet zozeer in hoe oud iemand is bij binnenkomst, maar vooral in de complexiteit van de zorgvraag. Mensen komen later in beeld voor intramurale zorg en hebben dan vaker intensieve ondersteuning nodig.
Voor zorgprofessionals is dat herkenbaar. In veel organisaties verschuift het werk naar zwaardere, complexere zorg in een kortere periode. Dat vraagt om andere inzet van personeel, goede triage en snelle afstemming tussen wijkzorg, huisarts, ziekenhuis en verpleeghuis.
Dat er op sommige locaties leegstand is, betekent niet dat de druk op de ouderenzorg afneemt. De vergrijzing loopt door en de houdbaarheid van de langdurige zorg blijft een groot vraagstuk. Minder vraag naar traditionele verpleeghuisplekken op korte termijn zegt dus niet automatisch dat er structureel minder ouderenzorg nodig is.
De zorg verschuift vooral. Meer ondersteuning moet thuis worden geleverd, terwijl verpleeghuizen vaker te maken krijgen met bewoners met een zwaardere en complexere zorgvraag. Voor teams in de ouderenzorg betekent dat dat de werkdruk en de inhoud van het werk veranderen, ook als niet ieder bed bezet is.
Voor zorgorganisaties is de uitkomst relevant bij keuzes over capaciteit, vastgoed en personeelsplanning. Minder plekken nodig hebben dan eerder gedacht, vraagt om voorzichtig beleid. Te snel afbouwen kan later opnieuw problemen geven. Tegelijk is het logisch om scherper te kijken naar de functie van verpleeghuizen, tijdelijke opname, crisiszorg en de samenwerking met zorg thuis.
Voor zorgmedewerkers onderstreept dit bericht vooral dat de ouderenzorg niet kleiner wordt, maar anders georganiseerd raakt. De instroom verandert, de verblijfsduur wordt korter en de zorgzwaarte neemt toe. Juist daardoor blijft goede afstemming in de keten cruciaal.
Bron: Economievakblad ESB